Wie zijn wij
Agenda, en roosters
Bezinning en ontmoeting
Kerk in de samenleving
Jongeren
kerkelijk bureau
Kerkdiensten
Kerkblad bijEen

Thee met Thema heeft als doel elkaar ontmoeten in een open en ontspannen sfeer rond een thema dat er toe doet.

Het zijn eigenlijk ronde tafel gesprekken waarbij iedereen kan aanschuiven. Deze ontmoetingen staan open voor iedereen. Dorpsbreed. Het wordt georganiseerd door een werkgroep van de Raad van Kerken.
Koffie en thee staan klaar vanaf half vier. Het begint om 16.00 precies en het officiële deel eindigt om 17.30 uur.


      

Programma 2017 - 2018


Hieronder vindt u een opsomming van de komende thema's en inleiders.
Nadere toelichting vindt u in ons jaarprogramma, onderaan deze pagina. 

28 jan - De filosoof Wouter Mensink over "Kun je een betere wereld kopen?"  Een samenwerking met de lokale Fairtrade organisaties.
25 feb - Musicus Wouter Verhage over muziek in de lijdensweek.
25 mrt - Oudhistoricus  en auteur Anton van Hooff beschrijft de opkomst van 't Christendom in de antieke wereld in relatie tot de opkomst van de Islam.
22 apr - Sandra van Beek over het thema "Verzet" in de beeldhouwwerken van haar vader Marius van Beek.
27 mei - Een bijeenkomst over terrorisme; de naam van de inleider wordt nog bekend gemaakt.

Het programma voor het komende seizoen vindt u hier:
de bijeenkomsten van
september t/m november 2017
en die van
januari t/m mei 2018

 

Informatie



De data van de bijeenkomsten vindt u in het jaarprogramma hiernaast.

Waar?
Alle Thee met Thema ontmoetingen hebben dit seizoen plaats in de Vredebergkerk,
van Toulon van der Koogweg 3, Oosterbeek, 

Hoe laat?
Let op: gewijzigd: We beginnen met thee en koffie om 15.30 uur.
Het programma start om 16.00 uur en eindigt om 17.30 uur.

Wat kost het?
Wij vragen een vrijwillige bijdrage om uit de kosten te komen.

Contact
U kunt ons bereiken via ons
email-adres

Terugblikken


Terugblik op "Het klopt wel, maar het deugt niet" met Trouw-columnist Stevo Akkerman

Terugblik op "Kwaliteit van leven" met ziekenhuis-ethicus Angeline van Doveren

Terugblik op Liefde | religie | kunst - een filosofische beschouwing


Terugblik op bijeenkomst met Mohamed Ajouaou


Terugblik op Thee met Thema op 26 november 2017 "Het klopt wel, maar het deugt niet" met Stevo Akkerman



‘Onze maatschappij – een amoreel universum?’, met deze vraag leidde Stevo Akkerman (schrijver en columnist bij Trouw) de 100 aanwezigen met behulp van zijn lezing langs allerlei instituties, waar velen het gevoel krijgen ‘het klopt dan misschien wel, maar deugt het ook?’. Een vraag die aanvankelijk vooral gesteld werd toen het ging om het bankwezen in de City van Londen, waar Joris Luyendijk zijn boek ‘Dit kan niet waar zijn’ over schreef. Maar de vraag werd op veel meer plaatsen herkend, overal waar mensen leven en werken. Dan lijkt het soms of die werelden gescheiden zijn. Er is de wereld waarin we leven, in gezins- en familieverband, in kerk, synagoge of moskee – de wereld waarin we aangesproken kunnen worden op moraal, en er is de wereld van het werk, het handelen, waarin de schijn van amoraliteit gewekt wordt. Gelden daar andere mores, of misschien helemaal geen mores? De Paradise-Papers, de corruptie in de Nigeriaanse oliehandel, de legitieme wijze van ontwijking van belasting, het ontstaan en de ontwikkeling van het populisme in de politiek – zijn het niet allemaal gevolgen van het wegvallen van de publieke moraal? Van een ontzielde, technocratische samenleving, waar de maatschappelijke moraal in de verdrukking is geraakt. Het gaat meer en meer om de cijfers, van productie en consumptie, en niet om bezieling en verbondenheid. Is er niet gaandeweg een taboe komen te liggen op ‘levensbeschouwelijke vragen’, waar zaken als schoonheid, kwaliteit en rechtvaardigheid besproken kunnen worden? Midden tussen al deze vragen kun je soms ´kantelmomenten´ ontdekken. Als bij onderwijs er ergens toch meer aandacht is voor de bedoeling van het onderwijs dan voor methodiek en resultaat. Als er ergens in de zorg toch meer aandacht is voor de hele mens dan voor producten, zorguren en aantallen handelingen. Als er bankiers zijn die zich realiseren dat het gevaar bestaat ´zichzelf te verliezen´, niet alleen voor personen maar voor de hele samenleving. Als de spanning die er altijd is tussen ideaal en werkelijkheid niet weggestopt word, maar benoemd kan worden. Hoopgevend daarbij zijn vooral de voorbeelden ´van onderop´, als burgers in hun wijk zelf de groenvoorziening ter hand nemen, als buurthuizen gerund worden door buurtbewoners, als er broodfondsen ontstaan voor zzp´ers die geld opzijleggen voor als er een van hen langdurig ziek wordt. Hans Achterhuis noemt dit de ´olifantenpaadjes´, die haaks staan op de keurig aangelegde wegen, maar volop in gebruik zijn en begaan worden. Die geen totale omwenteling veroorzaken, maar laten zien ´hoe het anders, hoe het beter kan´, zodat de zaken niet alleen maar kloppen, maar nog deugen ook.

 Naar boven

Terugblik op Thee met Thema op 24 september 2017 "Kwaliteit van leven" met Angeline van Doveren

Tijdens deze Thee met Thema-ontmoeting op 24 september 2017 was Angeline van Doveren, ziekenhuisethicus, de inleider. Angeline begon met vertellen over haar eigen ervaringen in een psychiatrische afdeling van een ziekenhuis die haar in aanraking brachten met vragen rondom het begrip Kwaliteit van leven.

Als filosoof heeft zij hier veel en diep over nagedacht, en daar heeft zij de aanwezigen deelgenoot van gemaakt.

Uit onderzoek blijkt dat het begrip 'Kwaliteit van leven' vanaf de jaren '20 gebruikt werd en toen vooral economisch geduid werd. Pas in de jaren '50 kwam er gezondheid bij te pas, en in de jaren '80 ging het in de geneeskunde een belangrijke rol spelen en werden er pogingen gedaan om het meetbaar te gaan maken.

Aspecten van 'Kwaliteit van leven' die in het algemeen onderkend worden, hebben betrekking op de volgende domeinen: het fysieke, het sociale, het psychische en het omgevingsdomein.

In de loop van de jaren zijn er diverse definities van 'Kwaliteit van leven' ontstaan, en een kernaspect van die definities is de vraag of dit een absolute, objectieve norm is, of dat het gaat om de perceptie en daarmee dus subjectief wordt: wat voor de één levenskwaliteit is, hoeft dat voor de ander helemaal niet te zijn. Gezondheidsaspecten zijn objectief, meetbaar door derden, maar het oordeel daarover is niet objectiveerbaar, dat ervaart ieder toch op eigen wijze. Ook is duidelijk dat van de verschillende onderkende, hierboven benoemde domeinen sommige wel en andere niet objectiveerbaar zijn.

Bij euthanasie wordt het gebrek aan kwaliteit van leven als argument gebruikt, en voor een deel is dat goed objectiveerbaar te maken. Maar uit de inleiding blijkt al dat er grenzen zijn aan het objectiveerbaar maken van dit begrip. En wat is dan 'waardig sterven'? Ook direct betrokkenen zoals huisartsen geven aan dat dat moeilijk objectief te maken is en daarmee de beoordeling van een euthanasie-aanvraag bemoeilijken.

Maar bij het begrip 'voltooid leven', een begrip dat gebruikt wordt door de NVVE, is het juist het subjectieve, dat overheerst: ‘Mensen die hun leven voltooid vinden, zijn meestal niet ongeneeslijk ziek. Wel kunnen ze lichamelijk aftakelen, afhankelijk worden van anderen en te maken krijgen met het verlies van regie over het leven, het wegvallen van het sociale netwerk en het verlies van doel en zingeving. In combinatie kunnen dit soort factoren leiden tot levensmoeheid. Of iemand het leven voltooid vindt, is altijd een persoonlijke afweging. En ook hier wilde de ziekenhuisethicus ons over doen nadenken. Medische, objectieve criteria maken dus geen deel uit van het oordeel of het leven voltooid is. Voor de medische wereld is het daarmee lastig of onmogelijk om een toets uit te voeren op het al dan niet voltooid zijn van het leven. En komt de vraag naar actieve levensbeëindiging dus in handen van allerlei andere krachten: de sociale relaties, de economie, de media. Ook ging de inleider in op wat hanteren van de term 'voltooid leven' met zich meebrengt en stelde zij daarbij lastige vragen (zoals het een filosoof ook betaamt): wanneer het leven aan jou geschonken is (door je ouders) ben jij dan degene die bepaalt of het voltooid is? wanneer je gelooft in een scheppende levenskracht (God, of hoe je het wilt noemen) wie mag dan een oordeel vellen over het voltooid zijn?

Wat dit alles betekent voor ons mensbeeld en de mens als autonoom wezen, kwam vanwege tijdsgebrek niet meer aan de orde. De levendige interactie met de aanwezigen was een teken dat het onderwerp duidelijk leefde. Misschien een volgende keer?

Afgesloten werd met "Ich habe genug", een aria voor basstem uit Cantate Nr 82 van J.S. Bach.

Naar boven

Terugblik op Thee met Thema op 28 mei 2017 met Jocelyn van Nieuwenhuyzen



Liefde | religie | kunst – een filosofische beschouwing

Een kleine twintig dappere geïnteresseerden trotseerden het prachtige weer en de roep van de kunstroute en luisterden op tien juni bij de laatste Thee met Thema-ontmoeting van dit seizoen naar Jocelyn van Nieuwenhuyzen, die heeft doorgedacht over deze begrippen en als doel had om ons aan het denken te zetten en met elkaar in gesprek te laten gaan. En dat is haar gelukt!

In haar inleiding stelde Jocelyn allerlei vragen bij de drie begrippen en verleidde ze ons om met een goeddeels nieuwe blik te kijken. Kunst: wie is de kunstenaar en wat beoogt hij of zij? Als een kunstwerk bij verschillende kijkers iets anders oproept, wie maakt dan de ervaring van deze kunst: de schepper of de beschouwer? En wanneer ontstaat het kunstwerk: pas bij het beschouwen? Evenzo zijn er vragen te stellen bij de religie: de oorspronkelijke betekenis van het woord verwijst naar  'verbinden'. Religie ontstaat dan in een relatie, die steeds uniek is, qua persoon en qua moment. Inmiddels lijkt het in onze rationele maatschappij genegeerd te worden, maar doordat ieder zich op een andere wijze met het 'hogere' verbindt en dat leidt tot (kritische) maatschappelijke vragen, dan kan dat als bedreigend worden ervaren. Jocelyn plaatste de drie begrippen in de context van het verhaal van Romeo en Julia en zo kwam ook de liefde aan de orde: Moet je eerst van jezelf houden, voordat je van de ander kan houden? En wat is dan die bron van liefde: jezelf, de ander, of dat wat gebeurt in de relatie met de ander? De liefde-begrippen uit de Griekse oudheid (o.a. eros, filia en agape) leverden verschillende invalshoeken.

Liefde, religie en kunst bleken aldus een interessante gemene deler te hebben, het is de perceptie die het laat gebeuren. Daarmee zijn dit geen absolute fenomenen, maar is het de mens zelf, die ze laat ontstaan in de verbinding met de omgeving. 

In het gesprek na de inleiding ging het vooral over de mogelijkheid tot verbeelding die die perceptie stimuleert: de één wordt geroerd door een abstract schilderij en de ander voelt er niets bij. En in de protestantse traditie en onze rationele wereld zijn we dat grotendeels verleerd. We constateerden dat onze wereld er gebaat bij zou kunnen zijn als we weer in staat zijn om te spreken over dat wat het alledaagse ontstijgt.
En zo leidde deze filosofische beschouwing op deze prachtige zondagmiddag ook nog tot mooie inzichten.
Naar boven


Terugblik op Thee met Thema op 7 mei met Mohamed Ajouaou

 



In een volle Torenzaal van de Vredebergkerk wist de spreker zijn gehoor al snel te boeien.

Het ging om drie vragen:
1. Hoe kunnen Moslims zich invoegen bij de Nederlandse samenleving (integreren)?
2. Hoe is de islam bestendig te maken tegen radicale tendensen?
3. Hoe kunnen we in onze samenleving een gemeenschappelijke taal vinden?

Ad 1 Het gaat niet alleen om economische maar vooral ook om culturele integratie. Nederland is een seculier, democratisch land met scheiding van kerk en staat. Bij moslims is dat niet vanzelfsprekend en is het geloof een onderdeel van hun cultuur. De islam is te vergelijken met een landschap met hoeken.
a. De leer is iets van bovennatuurlijke zaken.
b. Het praktiseren met rituelen (de praxis).
c. Het aspect zingeving.
d. De belangrijke intellectuele dimensie. Het kennen van de Koranverhalen. Deze  (niet het gif) moeten worden doorgegeven.
e. De idealistische component (zoals vroeger ook in het Pausdom) met het gevaar in opdracht van God/Allah allerlei dingen te moeten doen die de heersende norm zouden zijn zoals sharia-aspecten en loyaliteit ten opzichte van elkaar, ook al heeft de medemoslim bijvoorbeeld verkeerd/crimineel gehandeld. Anderen (niet-moslims) worden zodoende buitengesloten, gehaat zelfs.

De punten a t/m d acht Ajouaou akkoord, maar punt e maakt  integratie onmogelijk.

Ad 2 Om radicale tendensen te voorkomen moet je al vroeg met kinderen praten over zaken als gelijkheid van man en vrouw, gelovigen en ongelovigen/andersdenkenden; homo’s en hetero’s.
Zijn ervaring als geestelijk verzorger in de gevangenis leerde hem dat, toen een dief ophef maakte over de sharia of IS en hij zei dat volgens die leer zijn hand afgehakt zou zijn, de betrokkene hier toch wel wat anders tegenaan ging kijken.

Ad 3 Gemeenschappelijke taal
In tegensteling tot politiek mag het religie-aspect ons niet scheiden maar moet ons verbinden. Door met elkaar in gesprek te gaan en te blijven al vindt dit vaak voornamelijk op ‘hoog’ niveau plaat, waardoor ‘eenvoudige’ mensen dan toch bang zijn hun eigen identiteit te verliezen, zichzelf niet te kunnen blijven.

 N.a.v. vragen uit de zaal  zei hij dat er o.m. in Egypte en Dubai door geleerden pogingen worden gedaan om radicalisme in het geloof uit te bannen en tegenstemmen te laten horen ook in samenspraak met andere religies. In Marokko trekken geestelijken van verschillende gezindten met elkaar op. Preken van imans worden daar nu ook openlijk besproken wat vroeger ondenkbaar was.

Het was weer een interessante en instructieve middag met een bijzondere spreker.

Leo van Weele
naar boven

Copyright PKN Oosterbeek - Wolfheze
site by: sth.nu
www binnen deze site